Het begin van tijd

Toen de aarde woest was
en grotendeels leeg
gingen wij afgewezen
met het vallen van het duister
angstig huiverend
bij de onrustig snuivende dieren slapen.

Aan onszelf overgelaten
trekken wij thuisloos verder
en gehinderd door
een onverschillig universum
vragen wij keer op keer
van wie wij zijn.

Ooit zal een bries
onze voetsporen uit het zand blazen
en vlak voor haar stilvallen
aan de leegte meegeven hoe wij
sinds het begin van tijd
dit pad volgden.

Ânne de Jong
Uit: Kerven